De kloof tussen wat Amerikanen met lagere en hogere inkomens verdienen, wordt kleiner, volgens nieuwe gegevens van het Bank of America Institute. Het werkgelegenheidsrapport van augustus, gebaseerd op klantdeposito's, toont een loongroei na belastingen van 4,7 procent op jaarbasis voor huishoudens met lagere inkomens. Huishoudens met hogere inkomens noteerden 3,5 procent. Gedurende een groot deel van de afgelopen jaren was het tegenovergestelde waar: hoge inkomens zagen snellere loonstijgingen terwijl lagere inkomens achterbleven, een patroon dat economen het K-vormige herstel noemden. Het rapport is gebaseerd op gegevens van depositorekeningen van Bank of America-klanten en wordt elke maand gepubliceerd naast de officiële overheidscijfers over de werkgelegenheid.
De K-vorm draait om
De ommekeer is een breuk met een trend die de arbeidsmarkt sinds de pandemie kenmerkt. Economen van het Bank of America Institute zeiden dat augustus de meest recente maand was waarin de loongroei na belastingen voor lagere inkomens hoger lag dan die van de groep met hogere inkomens. De bevinding suggereert dat de loondruk aan de onderkant van de inkomensschaal sterker blijft dan aan de top, een patroon dat consistent is met een nog steeds krappe markt voor werknemers met lagere lonen.
Een koelere maar stabiele arbeidsmarkt
De algehele dynamiek koelde in augustus af. Het instituut schat de loongroei op 1,5 procent op jaarbasis, een daling ten opzichte van 1,8 procent in juli. Ook de groei van de lonen na belastingen zwakte af tijdens de maand. Ondanks de vertraging beschrijft het rapport de arbeidsmarkt als over het algemeen veerkrachtig, zonder tekenen van de scherpe verslechtering die op een recessie zou duiden. Uit afzonderlijk onderzoek van het instituut bleek dat kleine bedrijven in de zomer momentum kregen, met een sterkere aanwerving en winstgroei die het sterkste niveau van 2026 bereikte. Economen zullen de komende maanden in de gaten houden of de loonstijgingen voor lagere inkomens standhouden nu de arbeidsmarkt in een langzamer tempo terechtkomt. De cijfers voeden ook een breder debat over de vraag of de lonen gelijke tred kunnen houden met de prijzen na enkele jaren van hoge inflatie, een vraag die belangrijk is voor huishoudens op elk inkomensniveau.